Hallo,
Ik heb een Accord 2.4 Executive met gescheiden klimaatregeling, waarvan sinds kort, de bestuurderszijde niet meer warm wordt, aan de passagierszijde werkt alles wel normaal.
Ik heb de kleppenmotoren gecontroleerd aan zowel passagiers als aan bestuurders zijde, de kabel naar de verwarmingskraan onder de motorkap, deze werken allemaal, interieursensor geeft de waardes goed door, koud maken is geen probleem, maar warm wel.
Iemand een idee wat ik nog meer kan controleren, of wat ik over het hoofd zie?
Gr. Frank
Niet gevonden wat je zocht? Misschien is je vraag al eens beantwoord voor je Honda Accord of stel zelf een nieuwe vraag.
Zet het contact aan en druk op de AUTO-knop en dan op de UIT-knop. Houd beide knoppen gedurende 2 seconden ingedrukt.
DTC (temperatuurindicatorsegment) Onderdeel met storing
A Onderbreking in circuit interieurtemperatuursensor
B Kortsluiting in circuit interieurtemperatuursensor
C Onderbreking in circuit buitentemperatuursensor
D Kortsluiting in circuit buitentemperatuursensor
E Onderbreking in circuit zonlichtsensor
F Kortsluiting in circuit zonlichtsensor
G Onderbreking in circuit sensor verdampertemperatuur
H Kortsluiting in circuit sensor verdampertemperatuur
I Onderbreking in circuit van stelmotor luchtmengschuif bestuurder
J Kortsluiting in circuit van stelmotor luchtmengschuif bestuurder
K Een storing in overbrenging, stelmotor of schuif voor luchtmenging bestuurder
L Onderbreking of kortsluiting in circuit van stelmotor luchtstroomregeling
M Een storing in de overbrenging, stelmotor of schuiven voor luchtstroomregeling
N Een storing in het circuit van de aanjagermotor
O Onderbreking in circuit van stelmotor luchtmengschuif passagier
P Kortsluiting in circuit van stelmotor luchtmengschuif passagier
Q Een storing in overbrenging, stelmotor of schuif voor luchtmenging passagier
Stelmotor luchtmengschuif bestuurderskant testen
--------------------------------------------------------------------------------
Maak de 7-pins stekker van de stelmotor luchtmenging los.
Bij verkeerd aansluiten van voeding en massa aan de stelmotor luchtmenging wordt deze beschadigd.
Volg de instructies nauwgezet op.
Sluit accuvoeding aan op de Nr. 1 aansluiting van de stelmotor luchtmenging en verbind aansluiting Nr. 2 aan massa; de stelmotor luchtmenging moet draaien op Cool-kant. Verwissel de aansluitingen als dit niet zo is; de stelmotor luchtmenging moet draaien op Max-kant. Als de stelmotor luchtmenging niet soepel draait, verwijderen en controleren of de overbrenging en de schuif soepel bewegen.
Als de overbrenging en de schuif soepel bewegen, de stelmotor luchtmenging vervangen.
Repareer indien nodig als de overbrenging of de schuif aanloopt of blijft hangen.
Als de stelmotor luchtmenging goed loopt, ga naar Stap 3 .
Meet de weerstand tussen Nr. 5 en Nr. 7 aansluitingen. Het moet tussen 4,2 en 7,8 kΩ zijn.
Sluit de 7-pins stekker van de stelmotor luchtmenging weer aan op de accu en draai de contactschakelaar AAN (II).
Meet de spanning tussen de Nr. 3 en Nr. 5 aansluitingen.
Max Cool−circa 0,5 V
Max Hot−circa 4,5 V
Als ofwel de weerstandwaarden ofwel de spanningswaarden niet binnen de specificaties vallen, de stelmotor luchtmenging vervangen.